‘De macht van energiebedrijven is beperkt’

In het tweede deel van de serie PowerTalk: Energieprofessionals aan het woord, een consultant, die al 15 jaar actief is in de sector en de belangen behartigt voor verschillende energiebedrijven. Hij vertelt over de invloed die energiebedrijven uitoefenen op de overheid teneinde het energiebeleid te beïnvloeden, en daarmee de transitie die gaande is in de sector te sturen

Bron: FD Energie Pro

Tijdens mijn onderzoeksperiode op kantoor bij Energie-Nederland vielen regelmatig de namen Bert en Mark. Aanvankelijk had ik geen idee wie dit waren. Maar al snel werd duidelijk dat het hier ging om de topambtenaren Bert de Vries, directeur energie en duurzaamheid van het ministerie van EZ en Mark Dierikx, Directeur Generaal Energie van EZ. Omdat ik onder andere onderzoek doe naar hoe energiebedrijven energiebeleid proberen te beïnvloeden tijdens de transitie, zocht ik antwoord op de vraag: hoe groot is de invloed van de energiebedrijven binnen de overheid. Het vertrouwde gebruik van voornamen kon hier wel eens een indicatie van zijn. Maar een consultant, vertelde mij hierover het volgende: ‘De invloed van de energiebedrijven is nog steeds groot, maar niet zo groot als de meeste mensen denken.’

Nationale invloed van belang

De energiemarkt wordt steeds meer Europees, net als de grote energiebedrijven die de Nederlandse energiemarkt domineren. Brussel drukt een steeds zwaarder stempel op het Nederlandse energiebeleid en de mate waarin het nationale energiesysteem moet verduurzamen. Daarom allereerst de vraag of invloed in Den Haag voor energiebedrijven nog wel van belang is:

‘In Brussel wordt het energiekader neergezet om in 2050 de energievoorziening co2 neutraal te hebben. Den Haag beslist over het investeringsklimaat. Een stabiel investeringsklimaat is het allerbelangrijkste voor bedrijven. Ze moeten namelijk hun keuzes voor investeringen hierop baseren. Hoewel de energiemarkt in Nederland officieel geliberaliseerd is blijft de overheid stevig betrokken. De liberalisering van de energiemarkt op Europees niveau zoals gepropageerd vanuit zowel Den Haag als Brussel is een fictie. Vandaar dat het voor energiebedrijven van groot belang blijft om ook in Den Haag invloed te blijven uitoefenen.’

Wat zijn de speerpunten met betrekking tot het beïnvloeden van het energiebeleid van de overheid?

‘De energiebedrijven verdedigen hun productiemiddelen [investeringen] en de vrije Europese markt. Dus de rol van de nationale overheid zien zij graag minimaal. Maar omdat liberalisering een fictie is en de nationale overheden zich overal mee bemoeien, zeker op het vlak van duurzame energie, levert de inzet van de bedrijven ook wel eens tegenstrijdigheden op. Zo lobbyden de bedrijven op Europees niveau voor een vrije Europese energiemarkt met het ETS  [Europese emissie handelssysteem] Europa breed als leidend instrument om te verduurzamen. Dit terwijl ze in Nederland tegelijkertijd riepen om een nationale leveranciersverplichting voor duurzame energie.’

Op mijn vraag in welke mate de energiebedrijven zich inzetten voor de verduurzaming van de energievoorziening antwoorde hij:

‘De energiebedrijven zetten zich in voor marktwerking. De bedrijven willen wel verduurzamen maar de markt moet de verduurzaming regelen. Zij verzetten zich daarom tegen subsidies omdat deze de marktwerking verstoren. Maar stoppen zij daarom de transitie? Uiteindelijk is de overheid verantwoordelijk voor het gevoerde energiebeleid en dus de transitie. De transitie vertraagt vooral door de instabiele koers van de overheid. Hierdoor creëren ze investeringsonzekerheid voor de bedrijven.’

Gebrek aan kennis bij de overheid

Dat de energiebedrijven invloed hebben op het energiebeleid, lijkt een open deur. Maar hoe groot is de invloed eigenlijk ten opzichte van andere belangengroepen, en waar wordt dat door bepaalt?

‘De energiebedrijven hebben nog steeds veel invloed op het beleid omdat een goedwerkend energiesysteem cruciaal is voor de economie. De angst van de overheid is dat de (zware) industrie vertrekt omdat de energie te duur wordt. Maar de mate van invloed wordt vooral ook bepaald door het feit dat de overheid de energiebedrijven nodig heeft vanwege de complexiteit van de markt die de overheid zelf niet meer goed begrijpt. De ministeries hebben door jarenlange bezuinigingen steeds minder expertise in huis. Deze expertise halen ze daarom steeds vaker bij marktpartijen vandaan. Dit zegt niet dat andere partijen, zoals de NGO’s, geen invloed hebben, maar de specialistische kennis geeft de energiebedrijven een voorsprong.’

Ook andere elementen zijn van belang voor de mate van invloed. De consulent vervolgt:

‘De kracht van de lobby wordt bepaald door de mate waarin de sector in staat is gezamenlijk met een standpunt naar voren te komen. Daarom worden er, waar mogelijk, gezamenlijk standpunten bepaald en vanuit de brancheorganisatie Energie-Nederland gelobbyd. De beïnvloeding is bij voorkeur gericht op de ministeries. Je probeert je zaken aan de voorkant van het beleidsproces te regelen. Zo zijn er vaste periodieke overleggen tussen Energie-Nederland en het ministerie van Economische Zaken. Ook wordt er door de bedrijven gerekruteerd onder het personeel van dat ministerie. Dat maakt het makkelijker om contacten te onderhouden en bovendien weten zij hoe een ministerie werkt.’

‘Beinvloeden via de politiek doe je pas als niets anders heeft gewerkt. Dat is riskant want dan kom je in het publieke debat terecht en de politiek is onbetrouwbaar. Daarom is Hans Alders ook de voorzitter van Energie-Nederland. Hij is één van de meest invloedrijke personen in Nederland. Er is dus een sterke band met de politiek’.

Invloed niet zo groot

Ondanks dat de invloed van de energiebedrijven op het energiebeleid groot is constateerde ik tijdens mijn onderzoek dat de bedrijven op voor hen cruciale punten niet hun gelijk kregen. Zo ging de gewenste leveranciersverplichting niet door, blijven de subsidies voor duurzame energie intact en lijkt het ingrijpen van de overheid eerder groter dan kleiner te worden. De consultant zegt hierover:

‘De invloed van de bedrijven is nog steeds groot, maar niet zo groot als de meeste mensen denken.’

‘Tot eind jaren negentig waren de banden tussen energiebedrijven en overheid innig. Na de privatisering bleven de banden innig omdat de aandelen in handen waren van lokale overheden en provincies. Maar op nationaal niveau werd deze relatie ernstig verstoord doordat toenmalig Minister van Economische Zaken Brinkhorst halverwege het eerste decennium de gedwongen splitsing tussen netbeheerders en energiebedrijven doordrukte. Deze verwijdering nam alleen maar toe toen verschillende bedrijven in buitenlandse handen terecht kwamen. De hoofdkantoren staan nu eenmaal in het buitenland ver weg van Den Haag.’

Maar er zijn meer redenen:

‘De tegengestelde belangen tussen de energiebedrijven, bijvoorbeeld op het gebied van duurzame energie, verzwakt de positie van de energiebedrijven tegenover het ministerie van Economische Zaken. De ambtenaren raken geïrriteerd als individuele energiebedrijven met verschillende boodschappen naar hun toekomen. Maar ook worden de energiebedrijven door de overheid nog vaak als nutsbedrijven gezien die dienend zijn aan andere economische belangen die zwaarder tellen.’

Op de vraag wie volgens hem het zwaarste stempel drukken op het Nederlandse energiebeleid in Nederland en daarmee op de transitie antwoord hij:

‘De industrie, en dan met name de zware industrie. Steun van de industrie is daarom essentieel voor de energiebedrijven om iets gedaan te krijgen. Maar waar de overheid de industrie beschermt tegen de kosten van de verduurzaming, daar laten ze de energiebedrijven aan hun lot over. Dan is het opeens marktwerking.’

De naam van de consultant is bekend bij de hoofdredactie

Introductie: Energiebedrijven onderling verwikkeld in richtingenstrijd

Deel 1: Traders bepalen de strategie in de energietransitie

Deel 2: De macht van energiebedrijven is beperkt

Deel 3: Alliander wil leidende rol in energietransitie en streeft Nuon in ambities voorbij

Deel 4: Nuon is niet in staat richting te geven aan energietransitie

Deel 5: Grote energiebedrijven verstevigen invloed binnen windmolenclub NWEA

Deel 6: Energiebedrijven gevangen in negatieve framing rondom energiecentrales

Oproep aan energieprofessionals

Wilt u het verhaal aanvullen of ziet u het anders, laat dan uw commentaar hieronder achter. Werkt(e) u in de energiesector als medewerker van een energiebedrijf (of werkt u nauw met een energiebedrijf samen) en wilt u, op basis van volledige anonimiteit, uw verhaal delen over hoe u of het bedrijf waarvoor u werkt de transitie in de energiesector ervaart? stuur dan een mail naar: hendriksteringa@gmail.com. Voor meer achtergronden verwijs ik u naar de site: www.hendriksteringa.nl Hier vindt u informatie over mijn onderzoek en kunt u de verhalen na de publicatie in Energie Pro terugvinden.

Deel dit artikelTweet about this on TwitterShare on LinkedInShare on FacebookEmail this to someone

Een gedachte over “‘De macht van energiebedrijven is beperkt’”

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

De volgende HTML-tags en -attributen zijn toegestaan: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <strike> <strong>